Welcome to WordPress.com. This is your first post. Edit or delete it and start blogging!
-
Recent Posts
Archives
Categories
Meta
Welcome to WordPress.com. This is your first post. Edit or delete it and start blogging!
De laatste weken van ons fietsavontuur zijn ingegaan… Zondag (13sept) over drie weken staan we weer met voet op Schipholse bodem. Negentig dagen VS vliegen om. Het weer is bijna altijd prachtig, de natuur is erg afwisselend, veel wilde dieren langs de route, de mensen zijn erg gastvrij en vriendelijk, er zijn veel campings en regelmatig ‘Warmshowers’ wat het fietsreizen erg comfortabel maakt, de supermarkten zijn goed gevuld, kortom wij genieten volop. Het is als slagroom op de taart, drie maanden relaxed fietsen door deze Westerse wereld. Reizen op de fiets blijft voor ons de beste manier om de wereld te verkennen. Je komt zo het dichtst bij de mensen. Ze zien in ons geen bedreiging. “Alsof je op de fiets de t.v. van mensen mee zou nemen… we halen je toch zo weer in”. Daarbij zijn we inmiddels bereisde mensen en zijn de Amerikanen gefascineerd door onze verhalen over het Midden Oosten en verder. Op onze manier brengen wij verschillende culturen een beetje dichter bij elkaar. Lorainne, de buurvrouw in Libby vindt ons “stinking cute” en als ze geweten had dat we er waren had ze cinnamonrolls en brownies voor ons meegenomen. De Amerikanen zijn net als in de films…
Beren
In Libby zijn we nog een dag langer gebleven om samen met Keith een wandeling te maken naar Leigh Lake, een meer hoog in de bergen waar veel berggeiten zouden zijn en waar we mogelijk een beer zouden kunnen spotten. Helaas geen geit en beer gezien, maar de wandeling op en neer was wel prachtig. Joris wil graag een beer zien en Stel ziet overal beren… Het probleem is dat een beer zien geweldig is, maar niet op vier meter afstand. En al helemaal niet in je tent. Eten, kookspullen en toiletries gaan snachts allemaal in de bearbox. Als die er is. Anders zijn er gelukkig altijd wel welwillende Amerikanen die onze spulletjes in hun pick-up truck willen bewaren, maar een enkele keer ligt alles gewoon bij ons in de tent of in de wc. Op een camping aan een meer komt een vriendelijke camphost ons vlak voor het slapen gaan vertellen over alle flora en fauna die er in de omgeving te vinden is. Wat de dieren betreft worden hier regelmatig beren, mountainlions en moose (eland) gespot. Mountainlions zijn schuwe dieren, en moose ook, zo vertelt de man, maar die kan toevallig wel je pad kruisen. Een eland is groot, errug groot, en als een mannetje aanvalt met zijn grote gewei, dan maakt ie gehakt van je. Beren hebben een zeer goede neus en kunnen voedsel van 5 mile afstand ruiken. Er zijn verhalen van beren die tenten openscheuren op zoek naar eten. Stels fantasie slaat die nacht natuurlijk op hol. Midden in de nacht wordt Stel wakker en hoort zacht gezucht en gepuf. Er zit een schaduw op de tent, in de vorm van een beer, Oh God een beer, of is het misschien een moose! Doodstil blijven liggen, Joris is zich nergens van bewust, die slaapt als een os. De schaduw beweegt zachtjes, het gepuf en gezucht houdt aan. Zou de beer Stels hart kunnen horen bonken? Die springt bijna uit haar borst. Het duurt een minuut of tien voordat Stel dr zenuwen onder controle heeft en beseft dat de schaduw die ze ziet Joors schouder is en de geluiden Joors zachte gesnurk… Niks aan de hand, je ziet weer beren! Ook beren zijn in principe natuurlijk schuwe dieren en zolang ze geen menseneten te eten krijgen, blijven ze liever mijlenver van mensen vandaan. Oordoppen in en slapen gaan.
Vis
De dag na Libby staan we op een camping aan Lake Koocanusa. Al poedelend in het meer babbelen we met een ouder echtpaar en hun nog oudere moeder (89 jr). Zij zijn fanatieke vissers en in dit meer, zo vertellen ze ons, kun je heel goed Silver vangen, een kleine zalmsoort. Het quotum is 50 visjes per dag. Ze gaan dan ook met zn drieen in de boot, de man, zn broer en diens zoon, zodat ze 150 visjes per dag op kunnen halen. Ze blijven een week, dus in totaal 1050 visjes. Die grillen ze deels direct, de rest gaat op het ijs en gaan ze thuis roken. Zo hebben ze het hele jaar door vis. Ook wij mogen van de visvreugde meegenieten. We krijgen drie schoongemaakte visjes die Joris in ons eigen pannetje afbakt. Heerlijk!
No Trespassing
Wat het fietsreizen in de VS zo leuk maakt is dat er voor ons geen enkele taalbarriere is. Waar we in Zuid Amerika toch nog regelmatig om woorden verlegen zaten is dat hier nergens het geval. Ik denk dit het voor Amerikanen ook makkelijker en leuker maakt om ons in huis te nemen. Ook dat we blank zijn lijkt uit te maken. Op een camping ontmoeten we een Singaporese en zij vindt het vreselijk hier. Dit was voor haar de eerste en laatste keer in de VS. Ze vindt de mensen erg onvriendelijk. Er zijn ongetwijfeld veel Redneck Amerikanen die behoorlijk racist zijn. Gekleurde immigranten worden veelal met de nek aangekeken in deze ‘witte’ staten. Op de meeste hekken rondom landgoed en inritten naar ranches staat vaak een waarschuwing dat ze geen ‘indringers’ willen hebben ‘Keep Out’. Hoe serieus je het moet nemen is de vraag , maar in het geval van deze waarschuwing willen we het toch niet proberen
“No trespassing! Violators will be shot at. Survivors will be shot at again!”
Health Care
In Whitefish staan we op de camping, maar gaan we eind van de middag uit eten. Een echtpaar op de camping raadt ons aan om fish en chips te gaan eten in ‘the Bulldog Saloon’. Uit eten in de VS is niet zoals in Nederland. Uit eten is hier met name hamburgers en rib eye aan de bar of op inschuifbankjes a la Peach Pit en Mac Donalds. In de Bulldog schuiven we aan de bar aan naast twee oudere heren. Al gauw raken we met een van hen aan de praat. De man is 76 jaar, hij woont de helft van het jaar in Florida, als het daar te warm wordt verkast ie naar Whitefish om daar de zomermaanden door te brengen. Het hotte onderwerp momenteel is de hervorming van het health care system waar Obama druk doende mee is. De man is het daar volslagen mee oneens. Met het Amerikaanse zorgsysteem is niks mis, het is geweldig, vertelt hij. Hij heeft vijf verschillende specialisten die jaarlijkse check-ups bij hem doen, hij is zo gezond als een vis, en het mooie is, vertelt hij, het kost hem niks omdat hij als gepensioneerde via de staat verzekerd is. Hij vertelt dat de mensen die niet verzekerd zijn met name illegale immigranten zijn en verder mensen die er bewust voor kiezen om niet verzekerd te zijn. Dat wij met name mensen zijn tegengekomen die niet verzekerd zijn, omdat ze minstens 800 dollar per maand moeten betalen om verzekerd te zijn, en dit niet op kunnen brengen vindt hij onzin. Ter voorbeeld stelt hij zijn zoon, die is 43 en kiest er bewust voor om niet verzekerd te zijn, omdat ie gezond is… Volgens de man worden de kosten voor gezondheidszorg door je werkgever betaald, zo was dat in zijn tijd. Helaas is dat tegenwoordig niet meer zo, zo leren wij van andere mensen die we ontmoeten. De helft wordt door de werkgever betaald, de andere helft moet je zelf ophoesten. Daarbij heb je een eigen risico van minimaal 5000 Dollar! Een vrouw met MS moet voor haar herhalingsrecepten weer naar de neuroloog, een consult kost 300 Dollar… De man aan de bar is bang dat hij straks niet meer kan kiezen door welke dokter hij gezien wil worden, maar de meeste mensen kunnen nu al niet kiezen. Een echtpaar in Wyoming heeft een ranch. Een rancher moet zijn eigen verzekering betalen, daarom werkt de vrouw als lerares, zodat ze beide via haar werk verzekerd zijn. Haar man is 24u per dag aan de zuurstof. Toch ziet ze niks in Obama en zijn sociale politiek. Ze is bang dat dit ten koste zal gaan van hun vrijheden op de ranch. Er is iets goed mis met het Amerikaanse gezondheidssysteem, maar veel Amerikanen zijn bang voor verandering.
Glacier National Park
Onze fietsreis vervolgt zich door Glacier National Park. Een prachtig natuurpark met een pas van 2000m, waar ‘the Going to the Sun Road’ over heen loopt. Langs de weg spotten we berggeiten en marmotten. We waren er nog niet helemaal uit welke kant we op zouden gaan na Glacier, verder oostwaarts richting New York, of zoals de meeste mensen ons aanraden naar het zuiden, de Rockies volgend. Verder naar het oosten betekent de bergen uit naar eindeloze wegen over rollende heuvels met mais en tarwe. New York halen in de tijd die we nog hebben is niet meer realistisch, dus kunnen we net zo goed de bergen blijven volgen. In East Glacier verblijven we weer bij een ‘Warmshower’. Sam en Jo zijn supergezellige mensen, en we blijven dan ook twee nachten in hun tuin staan. Jo neemt ons mee naar Two Medicine om daar mogelijk een beer te zien. Helaas is het pad dat we zouden gaan lopen afgezet, omdat er inderdaad een beer is gesignaleerd. Het is een moederbeer met twee cubs en ze schijnt nogal aggressief naar mensen te zijn geweest. De rangers willen het risico niet nemen en hebben het pad afgesloten. Dan nemen we maar een ander pad. Joris wil graag beren en moose zien. Als we op de terugweg nog steeds geen dieren hebben gezien begint Joris liedjes te zingen waaruit zijn teleurstelling blijkt. “No moose today, the moose has gone away, that makes me feel so sad, I’m going straight to bed”. Hij is nog niet uitgezongen als er plots luid geritsel en gekraak klinkt en er een vrouwtjes moose vlak voor ons op het pad verschijnt. Zij lijkt net zo geschrokken van ons als wij van haar en ze hobbelt snel door, waadt door het water en blijft aan de andere kant tussen de bomen staan te koekeloeren. Wij koekeloeren gefascineerd terug, wat een mooi beest!
Montana State Fair: Rodeo!
Jo zou met vriendinnen naar de State Fair, een soort jaarmarkt, in Great Falls. Ze wil ons wel een lift aanbieden, omdat volgens haar de weg van East Glacier naar Great Falls lang en saai door de prairie is. Het bezoeken van de State Fair lijkt ons ook wel leuk en als al Jo’s vriendinnen het laten afweten springen we met zn drieen en de fietsen in de auto naar Great Falls. Op de fair zijn allerlei boerderijdieren te koop, er is een kermis en waar wij met name voor komen: een heuse Rodeo! sMiddags kijken we eerst nog bij een piggierace, waar vier kleine biggetjes om het hardste rennen voor een hondekoekje, koddig om te zien. En dan om zeven uur begint de Rodeo, een echt patriotistisch Amerikaans gebeuren. Het is vanavond Military-night, wat betekent dat de rodeo wordt gehouden ter ere van alle militairen en veteranen, van de landmacht, de marine, de mariniers en de luchtmacht. Er zitten een hele groep jonge en oude strijders in vol ornaat in de VIP-box. Een of andere country zangeres opent met ‘The Star Spangled banner’, het Amerikaanse volkslied. Iedereen staat op en bijna elke Amerikaan legt zijn hand op het hart. De dame blert en probeert veel te hoog te zingen, maar dan als zij haar laatste regels in gaat “Of the lahand of the freeeeee, and the home of the brave!!!” komt er plots uit het niets een enorme Blackhawk helicopter over scheren, fascinerend! Daar kregen Joor en ik de rillingen van. Wat een spektakel! Daarna gaan we met zn allen in gebed (…) en dan kan de rodeo eindelijk van start. Wat een sensatie! Af en toe wel zielig voor de koeien, kalfjes, stieren en paarden, maar boeiend om te zien en alle dieren overleven gelukkig de strijd.
Op internet was te vinden dat we zouden kunnen kamperen op het State Fair terrein, maar bij de infobooth weten ze daar niks over. De vrouw, Debbie, zegt dat we wel achter de booth op het grasveld mogen staan. We lopen er gezamenlijk heen om te kijken, het is wat modderig en vochtig van eerder gevallen regen. Bij nader inzien vindt ze de plek toch niet zo geschikt en ze stelt voor dat we wel bij haar in de tuin kunnen kamperen, ze woont niet ver van de Fair vandaan. Jo moedigt haar aan en zegt dat we zulke leuke mensen zijn en dat het een goed idee is dat we bij haar gaan kamperen. Zo hebben we weer een slaapplek geregeld voor de nacht. Na de rodeo rijdt Debbies man, Mark, in zijn dikke pick-up truck samen met Joris voor Jo en mij uit en leidt ons naar zijn huis. We mogen ook wel in de garage slapen. Helemaal handig, hoeven we de tent ook niet op te zetten. sOchtends heeft Debbie ontbijt voor ons klaar staan. We worden weer in de watten gelegd door wildvreemde mensen, fantastisch!
Nog meer gastvrijheid
Vanaf Great Falls zijn er bijna overal campings op aardige dagafstanden fietsen, behalve op een lang stuk vanaf het Snowdown skigebied en de Kingshillpass naar Livingston, daar zijn helaas geen campings meer. Halverwege de dag fietsen we door White Sulphur Springs om inkopen te doen. Op de parkeerplaats ontmoetten we een ouder echtpaar, Gary Zeigling en zijn vrouw. Gary, een oude kromme baas in een tuinbroek met cowboyhoed, is nieuwsgierig naar onze herkomst en waar we naar op weg zijn. Het toeval wil dat hij precies halverwege op onze route woont in een gat dat Ringling heet en hij stelt voor dat we wel in zijn tuin kunnen kamperen. Perfect! Als we bij zijn huis aankomen, staat Gary juist in de tuin de randjes van het grasveld te maaien. Het ziet er wat moeizaam uit. Gary vertelt dat hij al drie keer aan zijn rug is geopereerd, vandaar. Gary is ruim in de zeventig, maar doet en rookt dapper door (de tumor in zijn longen bleek een schimmel opgelopen door het vele werken in hooischuren). Hij nodigt ons uit voor koffie. We mogen ook wel douchen als we dat willen. Wederom hartverwarmende gastvrijheid! sOchtends wil hij ons nog graag zijn groentekassen laten zien. Hij graaft een turnip uit, een soort witte radijsraapachtig groente, snijdt het zorgvuldig in stukjes en geeft deze aan ons, lekker. (Als we terug in Nederland zijn moeten we ook maar eens op zoek naar een huis met een tuin om onze eigen groentjes in te verbouwen).
Na Ringling is het heuvelaf naar Livingston, waar we weer een Warmshower geregeld hebben. We verblijven bij Jim en zijn ouders en zusje. Jim is 27 en heeft twee jaar geleden een jaar gefietst door China, Thailand, India en van Istanbul naar Parijs. Leuk dus om verhalen uit te wisselen. Na zijn reis is hij weer bij zijn ouders in gaan wonen en heeft nu net een studie opgepakt. Jims moeder, Netzy, is al net zo fietsgek als haar zoon, zij en Autumn, Jims zusje, doen aan thriatlons. Jim Senior is niet zo van al die drukte, hij houdt van jagen. Het huis hangt vol met jachttrofeeen: deer, elk, antelope, mountaingoat, zelfs een berekop en vacht hangen aan de muur… We hebben hier te maken met een serieuze jager. Dat is even slikken voor ons dierenliefhebbers als we zijn. Jim Sr laat vol trots zijn gewerencabinet zien, voor elk dier een andere shotgun… De antelopebrats (worstjes) die we savonds eten zijn wel heerlijk en Jim Sr vertelt ons dat er veel te veel hertachtigen zijn met te weinig natuurlijk vijanden. Ieder zo zijn hobby moet je maar denken. We blijven nog een dagje langer, Netzy doet onze was (!) en we gaan met binnenbanden stroomafwaarts in de Yellowstone rivier. sAvonds kookt vader Jim weer een heerlijk maal en het is alsof we de langverloren gewaande kinderen zijn zo warm worden we opgenomen in dit gezin. Het blijft bijzonder!
Yellowstone National Park
En dan op naar het oudste Nationale Natuurpark in de VS: Yellowstone! Yellowstone Park is swerelds grootste actieve vulkaan. Een groot deel van het park ligt in de caldera van de vulkaan en overal zijn hotsprings en komen zwaveldampen naar boven, dat stinkt! Yellowstone huist een van swerelds beroemdste geisers: ‘Old Faithful’. Ongeveer elke anderhalf uur vullen de bankjes rond de geiser zich met honderden toeristen die naar het spuitspektakel komen kijken. En het stelt niet teleur, op het geschatte tijdstip spuit de geiser kokend water en stoom enkele tientallen meters de hoogte in.
Al fietsend door het park zien we elk (een grote hertachtige) en bizons, prachtige beesten. Ze zijn zo gewend aan mensen dat ze niet wild meer lijken, maar schijn bedriegt en voorzichtigheid is geboden. Door de jaren heen zijn er meerder mensen aangevallen door deze wilde dieren. We ergeren ons dan ook aan mensen die met hun driedubbele telelens vlak achter de bizon aanlopen als deze besluit door het water naar de overkant te gaan waar het rustiger is. Stilletjes hopen we dat de bizon hen op de horens neemt, maar hij kiest het ruime sop en voor we er erg in hebben is hij aan de overkant van het water, ver weg van alle druktemakers.
Huiswaarts
We blijven bijna een week in Yellowstone om van al het moois te genieten. Daarna fietsen we via de Tetons, een imposante berg/rotsformatie, prachtig! door naar het zuiden. Via Lander, naar Rawlins en via Walden naar Granby, waar we nu zitten, weer lekker bij een ‘Warmshower’, Mark Ziegler. En zoals Joris het zo mooi zegt: ‘nu nog een berg over, een trein in en een grote appel en we zijn weer thuis’. Het gaat nu snel. Vanaf hier gaan we door het Rocky Mountains National Park naar Boulder, waar we Mike en zijn vrouw zullen bezoeken. Mike was Stels huisgenoot in Alicante. Het toeval wil dat hij op onze route woont. Hij heeft ons uitgenodigd om bij hem en zijn vrouw te verblijven voordat we in Denver op de trein stappen. Grappig om Mike weer te zien na zeven jaar.
En dan nog een ruime week New York onveilig maken met Stel dr ouders, Stels broer en vriendin. En dan zit het jaar er weer op en trekken we weer in onze stek aan de vd Waalsstraat in Grun, gaat Joris solliciteren voor de huisartsopleiding en Stel op zoek naar een nieuwe uitdagende baan. We kijken er naar uit om jullie allemaal weer te zien, alle nieuwe telgen te bewonderen en de draad weer op te pakken in het Nederlandse!